Close

12 november 2025

Wanneer een emoticon een contract sluit: wilsovereenstemming in het digitale tijdperk

De digitalisering van zakelijke communicatie blijft het contractenrecht uitdagen. Klassieke handtekeningen worden steeds vaker vervangen door informele digitale signalen:  een “ok”, een groen vinkje of, zoals in dit geval, een duim omhoog. De Nederlandstalige Ondernemingsrechtbank van Brussel boog zich op 2 september 2025 over de vraag of een ‘👍’-emoticon in professionele e-mailcorrespondentie kon gelden als een geldige aanvaarding van een contractueel aanbod tussen ondernemingen. De uitspraak bevestigt de juridische risico’s van (snelle) digitale correspondentie.

Feitelijke achtergrond

De zaak draaide om een samenwerkingsovereenkomst tussen een onderneming en een pers- en communicatiebureau.

Op 19 december 2023 stuurde een medewerker van het pers- en communicatiebureau een e-mail met een voorstel tot samenwerking aan de marketingmanager van de andere onderneming.  De e-mail bevatte een duidelijk omschreven aanbod, met prijs, prestaties en duurtijd, een budgettaire raming met facturatiemodaliteiten en algemene voorwaarden.  Het bericht werd afgesloten met de vraag naar een akkoord voor de twee offertes, hetgeen ‘ook’ kon gebeuren door de ondertekening van de documenten. Drie minuten later antwoordde de marketingmanager met enkel een ‘👍’-emoticon.  Nadien volgde geen enkel bericht waarin deze reactie werd genuanceerd of ingetrokken.  Integendeel, de samenwerking werd feitelijk aangevangen, wat de indruk wekte dat beide partijen zich gebonden achtten. Toen er later een betalingsdiscussie ontstond, ontstond er tevens een discussie over de totstandkoming van de overeenkomst door de al dan niet aanvaarding van het aanbod met het ‘👍’-emoticon.

Analyse van de rechtbank

De rechtbank oordeelt dat de e-mail van 19 december 2023 een volwaardig aanbod uitmaakt, aangezien alle essentiële bestanddelen voorhanden waren.  De reactie 👍werd verder door de rechtbank als een ondubbelzinnige aanvaarding van het aanbod beschouwd, met volgende motivering:

  • in hedendaagse communicatie wordt algemeen aangenomen dat een 👍een positieve bevestiging betekent;
  • de aanvaarding kwam zonder verdere toelichting of voorbehoud;
  • geen van beide partijen kwam nog terug op het bericht;
  • er volgde een begin van uitvoering van de samenwerking; en
  • de eerste facturatie werd zonder voorbehoud betaald, waarbij een aanvaarde factuur in beginsel bewijs uitmaakt van de onderliggende overeenkomst.

Gelet op voormelde omstandigheden werd volgens de rechtbank een rechtsgeldige overeenkomst afgesloten tussen de partijen.

Pieter-Jan Aerts en Wibo Van Poeck
De Langhe Advocaten

Terug naar overzicht
WEBSITE DOOR CONCEPTTOSCREEN