Close

16 december 2016

Interne meerwaarden belast?

Tijdens de jaarlijkse eindejaarsconclaven worden opnieuw fiscale maatregelen voorgesteld. Eén van de maatregelen is dat men de behandeling van “interne meerwaarde” zou wijzigen en dit met ingang vanaf 1 januari 2017.

Een “interne meerwaarde” is een meerwaarde die een individu realiseert door de aandelen van een vennootschap A die hij bezit, in te brengen aan marktwaarde in een (eigen) nieuwe vennootschap B in ruil voor aandelen van deze nieuwe vennootschap B. Op deze wijze wordt het individu aandeelhouder van de nieuwe vennootschap B en deze laatste de aandeelhouder van de vennootschap A. Het gevolg is dat bij deze nieuwe vennootschap B de inbrengwaarde (d.i. de marktwaarde op het ogenblik van de inbreng) thans fiscaal gekwalificeerd wordt als (fiscaal) kapitaal.

Bij uitkering van reserves (dividend) door een vennootschap aan een aandeelhouder-natuurlijk persoon zal roerende voorheffing verschuldigd zijn. Maar, gehele of gedeeltelijke terugbetalingen van maatschappelijk kapitaal verkregen, worden niet als dividenden aangemerkt; er dient dan ook geen roerende voorheffing te worden ingehouden.

Wat is daar nu zo bijzonder aan? Stel: de vennootschap wiens aandelen ingebracht worden (vennootschap A) heeft een kapitaal van 10 en reserves van 90 en 100 liquide middelen. De aandelen A worden ingebracht in B, tegen marktwaarde (100). B geeft naar aanleiding van de inbreng voor 100 aandelen uit aan de inbrenger. B kan vervolgens haar reserves van 90 uitkeren als dividend naar A. Deze uitkering zal niet onderworpen zijn aan roerende voorheffing bij B en bij A zal dit dividend – onder voorwaarden – voor 95% aftrekbaar zijn (toepassing vrijstelling Moeder-Dochter Richtlijn). Bij vennootschap B ontstaat een fiscaal kapitaal van 100 die uitkeerbaar is aan de natuurlijke persoon-aandeelhouder zonder inhouding van roerende voorheffing.

Op deze manier kunnen de reserves van vennootschap A quasi onbelast uitgekeerd worden aan vennootschap B. Vennootschap B kan vervolgens de cash ontvangen uit de uitkering van A, uitkeren (via kapitaalvermindering) aan de natuurlijke persoon-aandeelhouder zonder inhouding van roerende voorheffing.

De regering heeft dan ook verklaard dat hiertegen maatregelen zullen genomen worden. Ons inziens kan dit op 2 manieren:

  • via aanpassing van artikel 184 WIB, met ingang van 1 januari 2017, zouden de inbrengen in vennootschap B niet meer tot resultaat hebben dat 100 kapitaal ontstaat bij B, doch dat fiscaal de toestand hetzelfde blijft: kapitaal 10 en reserves 90. Dus bij uitkering van die 90 zou dan toch roerende voorheffing verschuldigd zijn. Noteer wel dat de regering ook besliste om de roerende voorheffing te verhogen naar 30%; ofwel
  • via aanpassing/aanvulling van artikel 18 WIB waardoor kapitaalverminderingen uit “besmet kapitaal” zelfs verkregen ter uitvoering van een regelmatige beslissing tot vermindering van het maatschappelijk kapitaal, overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen, toch als dividend worden beschouwd en dus onderhevig zijn aan roerende voorheffing.

Dat deze nieuwe regels weleens tot onzekerheden kunnen leiden is geen utopische gedachte. Wat bijvoorbeeld indien een Belgisch natuurlijke persoon-aandeelhouder van een Luxemburgse vennootschap de aandelen van zijn Belgische werkmaatschappij inbrengt in de Luxemburgse vennootschap en deze op een later tijdstip naar België emigreert? Wat betreft het eigen vermogen dat in België moet worden overgenomen, bepaalt de wet dat het in België gestorte kapitaal ten gevolge van de overbrenging overeenstemt met het statutaire kapitaal, verhoogd met de uitgiftepremies en de bedragen waarop is ingeschreven ter gelegenheid van de uitgifte van winstbewijzen. In Luxemburg zal de marktwaarde van de ingebrachte aandelen als statutair kapitaal beschouwd worden. Deze regel zal in overeenstemming gebracht moeten worden met het nieuwe artikel 184 WIB.

In Nederland wordt bij een inbreng in een vennootschap bestaande uit aandelen in een andere vennootschap slechts het bedrag van het initieel kapitaal van de ingebrachte vennootschap erkent als fiscaal kapitaal. Het excess is het zogenaamde “besmet fusie agio”, wat niet belastingvrij uitgekeerd kan worden.

Noteer wel dat voor inbrengen gedaan in 2016 de oude regeling nog zou gelden. Uiteraard zal de fiscus zulke verrichtingen gedaan in 2016 extra controleren. Mocht u bovenstaande nog willen realiseren in 2016 dient u zeer snel en doordacht te handelen!

Gepubliceerd in VOKA – Ondernemers West-Vlaanderen, editie 20, 16 december 2016

Terug naar overzicht
WEBSITE DOOR CONCEPTTOSCREEN